Ga naar de inhoud

Jona en Zijn God

De Heer richtte zich tot Jona, zoon van waarheid staar er in vers 1. Nu staat er bij het woord: ‘Heer’ in het Hebreeuws: JHWH.

Het is een persoonlijke aanspreektitel van God, en vertelt van een relatie. Jona was een profeet zoals je kunt lezen in 2 Koningen 14:25. Dus hij had een relatie met God.

Profeten waren vaak sobere mensen die het volk de wetten en voorschriften voorleefden en vertelden.

Zij hadden een voorbeeldfunctie.

Zo ook Jona. Jona heeft een opdracht maar loopt weg, daalt drie keer af* tot in het ruim van de boot toe en komt in een storm terecht. Men dreigt te vergaan en Jona vertelt dat Hij de Heer(JHWH), de God(Elohiem) vereert die de hemel en de aarde heeft gemaakt. (Een korte boodschap, wie de Heer is) Jona wil in zee worden gegooid zodat niet iedereen verdrinkt. Echter de zeelieden roepen tot de Heer (JHWH), die ze eerst niet kenden maar nu wel, en vragen of hen dit niet wordt aangerekend. Jona belandt in zee, wordt opgeslokt door een vis en begint tot de Heer zijn God te bidden. Jona wordt uitgespuugd door de vis. Maar wat gebeurt er? Jona gaat naar Nineve maar laat in zijn boodschap het woord ‘Heer’ weg en heeft het nu alleen over God. De relatie die hij nog had in de vis en ook aan de vissers meegaf vertelt hij niet meer maar spreekt over God als soortnaam. In het oude Assyrië waren er veel goden, god paste goed in hun cultuur, dus deze God kon er nog wel bij. De mensen roepen een god aan zonder dat er een relatie is met de schepper van hemel en aarde de ‘JHWH ‘. Jona laat bewust deze relatie eruit bij zijn verkondiging. Als hij boos wordt op de Heer, heeft hij nog steeds die relatie wel.

Deze relatie gunt hij echter niet aan de Assyriërs. Ze mogen zich bekeren maar die bijzondere band die Jona als profeet met God heeft, dat wil hij niet. Dat blijft voorbehouden aan de mensen van zijn eigen volk. Jona was een hete wind (oordeel zonder genade) voor Nineve. Zijn godsbeeld was danig vertroebeld geraakt. Hij mocht leven met de volken in een Soeka maar wilde dat niet. De God van Israël was voorbehouden aan zijn volk, vond hij en helaas waren ook die aan het wegdrijven van de goede boodschap. Dat JHWH ook de volken op het oog had deerde Jona niet.

Het lijkt wel op de kerk die, als er bekeerde mensen binnenkomen ze op de vaste plaats van een kerkganger kunnen gaan zitten, ze dingen doen vanuit hun oude leven die wij niet prettig vinden. Ik hoorde ooit van een dakloze die tot geloof kwam en in zijn oude leven was hij zakkenroller. Nu hingen er daar heel veel jassen tijdens de dienst en hij zag zijn kans schoon om flink wat zakken te rollen. Ze betrapten hem, hij werd verwijderd uit de kerk en in plaats dat men hem hielp om zijn nieuwe leven op gang te krijgen, werd hij veroordeeld.

Er is dan een verzengende wind die er waait in die kerk, de genade is weg. We moeten nieuwkomers helpen om die relatie op te bouwen met de Vader door onderwijs. De mens uit de wereld is makkelijker dan de wereld uit de mens en vraagt geduld.

Dat helpt niet als we in ons huis blijven zitten en van een afstand kijken hoe men ten onder gaat, geen onderwijs willen geven, je niet deelt van je overvloed, je alleen maar in de veroordeling gaat zitten. Eigen schuld, dikke bult!

Leven in genade en je handen, je huis en je hart openstellen voor de mensen die je misschien wel heel irritant vindt. Dat genade voor jou,…… ook genoeg mag zijn voor een ander.

Met mensen optrekken die je kunnen beduvelen, mensen die op zichzelf gericht zijn, die drugs blijven gebruiken, andere normen en waarden hebben. Het oude leven is niet zomaar vertrokken er moet bij hen een nieuwe hut voor in de plaats komen en dat is niet van de ene op de andere dag gerealiseerd.

Hebben we onvoorwaardelijk lief en vertellen we de boodschap van het evangelie die God recht doet? Een hele uitdaging. Het gaat om relatie.

Welke God verkondig ik? Hoe is mijn eigen Godsbeeld? Hoever willen we gaan in onze liefde voor de mens, als we bestolen, beduveld en bedrogen worden? Hebben we geduld?

Liefde is geduldig en rekent het kwade niet toe!

* afdalen is weg van God. Drie keer afdalen is de geestelijke dood.

Volgende week: Jona als beeld van Israël