Ooit zei een vriendin tegen mij: ‘Ik ben al blij als mijn kinderen gaan geloven en meer niet’.
Dat is precies de waarschuwing in dit verhaal waarom gedoopt en gered te weinig kan zijn om je geloof uit te leven.
In Handelingen 20 vanaf vers 5 lezen we het verhaal van Paulus die in Troas spreekt en daar valt een jongeman, Eutychus, naar beneden. Het resulteert in zijn dood en Paulus wekt hem tot leven.
Wat gebeurt hier?
Allereerst is de context belangrijk. Voorafgaand lezen we dat Paulus vertrok na de dagen van de ongezuurde broden. Zeven dagen na Pesach vertrok hij uit Jeruzalem en vijf dagen later waren ze in Troas en verbleven er zeven dagen. Hij spreekt op zaterdagavond. (Voor joden begint dan de zondag) Allereerst staat het getal zeven voor de volheid van een Tempel Paulus heeft hier een geestelijke Tempel gebouwd met gelovigen.
Nu is het op dat moment ook de tijd van de Omertelling (1) Het is dan de 15e Omertelling en dat is de dag van chesed b’ Tiferet: genade met compassie.
Even terug naar de Omertelling. Deze is in de Bijbel ons gegeven als beeld, om te groeien van spirituele dood naar spiritueel leven. Van Pesach (Pasen) naar Shavuot (Pinksteren) en van matzes (geheiligd brood) naar gerezen tarwebroden. (Vol van de H. Geest).
Paulus is daar op een bovenkamer, op de avond na de sabbat. In joodse kringen sluiten ze deze dag af met een ritueel: de motzah ei sabbat* oftewel het einde van de sabbat. Men kan brood eten maar er is altijd wijn bij en een geurstaafje. Symbool dat men met Gods woord (brood) de week in gaat om daar een welriekende geur te verspreiden. Het doel van dit is de sabbat te scheiden van de rest van de week. Van Heilig naar niet heilig. Dan gebeurt dit ‘ongeluk’.
Nu doet de hele geschiedenis aan de Tempel denken. In het Grieks staat niet dat hij in het venster zat maar in het voorportaal. (Originele Griekse tekst).
Een verwijzing naar ‘de Voorhof’ van de Tempel. Hij is gedoopt en gered maar verder heeft het weinig meer met zijn leven meer van doen.
De bovenkamer in Handelingen is een symbolische verwijzing naar de priestervertrekken in de Tempel (Die heetten de bovenkamers). Het woord voor boven in het Hebreeuws is: aliyah oftewel opgaan. God tegemoet treden. Op de eerste Pinksterdag verbleven ze ook in de bovenkamer als beeld van de Troon van God (waar de Thora ligt). Daar waar de vervulling van de H. Geest is. Paulus geeft hier in Handelingen onderricht uit de Thora, vanuit Gods Troon. (Bedenk daarbij de indeling in de Tempel: Voorhof, Heilige en het Heilige der Heiligen).
Er waren veel lampen staat er in vers 8. Het verwijst naar de lampen van de lampenstandaard in de Tempel. Het is echter ook een symbool van de vele gelovigen en Gods woord. (Uw woord is een lamp ……) Nu was er een man Eutychus (zijn naam betekent –fortuin) die daar in een diepe slaap viel en hij duikelde van de derde verdieping naar beneden. In een diepe slaap geraken en naar beneden vallen is een metafoor voor weg van God raken. In Jesaja 29:10 staat dat God een geest van diepe slaap over Israël heeft uitgegoten want het volk nadert tot Hem met de mond en eren met Hem met de lippen maar hun hart is ver van Hem en hun vrees slechts een aangeleerd gebod van mensen. De symboliek is hier van toepassing. Eutychus blijft in de geestelijk ‘Voorhof’ staan en zijn hart is ver weg van Hem. Ooit was hij een met Geest vervulde gelovige maar was vanuit Het heilige der Heiligen naar het Heilige gevallen en van daaruit naar ‘de Voorhof’ (2keer). Zijn lamp was zo goed als uitgegaan en uiteindelijk viel hij letterlijk en geestelijk buiten Gods huis. (3e keer). Hij valt van Heilig naar niet Heilig. Was hij te rijk?? Zocht hij zijn geluk ergens anders, gezien zijn naam? Was zijn ontzag voor God tanende? Gods woorden waren lege woorden geworden.
Paulus had het brood gebroken en de Thora uitgedeeld (fysiek en geestelijk) in Gods woord. Het was bij deze jongen niet voldoende geweest om hem bij de les te houden want hij was in slaap gevallen. ‘De Voorhof’ is geen plek waar je nog gevoed wordt. (Gered en gedoopt) Deze man eindigt uiteindelijk in het stof, buiten Gods huis.
Paulus heeft compassie, gaat op hem liggen en brengt hem tot leven.
Deze geschiedenis lijkt veel op de geschiedenis van 1 Koningen 17 waar de enige zoon van een weduwe komt te overlijden. De context is daar dat er te weinig brood in Israël. (Eutychus had ook te weinig brood (woord) tot zich genomen). Elijah logeert bij deze vrouw (1Koningen 17:12) en God zorgt voor moeder en zoon. Haar eniggeboren zoon overlijdt. Elijah strekt zich driemaal (brengt hem terug voor Gods Troon) over hem uit. De ziel komt in de jongen terug. De hele geschiedenis in Koningen staat ook symbool voor Israël, de eniggeboren zoon die uitgehongerd en uitgedroogd was door hun geestelijk overspel, (Jesaja 29:10) uiteindelijk in het stof geraakt. Fysiek en geestelijk dood.
Paulus spreekt later dat hij de ervaring heeft dat er wolvenkomen die de kudde niet sparen en mensen wegtrekken van het evangelie (vers 29) Denkt hij hieraan?
Het is voor Paulus een dag van ontferming en de eerste dag van de week, de opstanding dag! Paulus strekt zich uit** en de jonge man komt tot leven. Er zij licht! (Genesis dag 1) De jongeman zijn lampje gaat weer schijnen.
Paulus breekt opnieuw brood en geeft het hem en spreekt opnieuw tot hen. (mv)
Nu komt het woord wel binnen en ze nemen hem levend mee. Levend is vol van leven, vol van Zijn Geest.
In Handelingen staat: Ze werden bovenmatig getroost door Paulus. Ze zagen in Hem een man Gods
. 1) Omertelling. (Leviticus 23:15-16) Omer komt van het woord amer wat spreken betekent. Deze begint op de 1e zondag na de veroordeling van Jezus op Golgotha. Als je twee weken verder telt kom je uit op zondag de 15e.
De Israëlieten in de wildernis moesten het manna (hemelsbrood) rapen. Een omer per dag.
Het was Geestelijk en lichamelijk voedsel
* Het einde van de sabbat wordt bij joodse mensen gevierd. Het ritueel wordt ook wel de havdalah genoemd.
** Het woord uitstrekken betekent ook regeren. Er is overwinning in Jezus. Hij regeert over de dood.
In het Hebreeuws betekent het woord uitstrekken ook meten. De Tempel werd opgemeten en daar zien we hetzelfde woord. Ook in deze context is het Tempeltaal. De Tempel strekt zich uit over de mensen zodat ze kunnen groeien in geloof.
Paulus omarmt de jongen zoals hij de heidenen omarmt om hen tot leven te wekken.
Nadenker
Is Gods woord nog brood voor de ziel of krijgen we te weinig binnen waardoor we afsterven en vallen we van Gods Troon weg. In ‘de voorhof’ staan is niet voldoende, men moet de Tempel in. Dit is het lichaam van Christus. Zijn woorden zijn licht voor de wereld. Zijn we voer voor de wereld geworden en hebben onze zinnen op andere dingen gezet?
Hebben wij nog compassie met hen die vanuit Gods Troon naar beneden vallen. Of denken lopen we door?
Gods arm is nooit te kort om te redden, al vallen we diep.
Troas betekent doordringen. Paulus kon tot de jonge man en de gemeente doordringen. Kan Jezus ook tot jou doordringen en dat het ernst is met het evangelie? Zijn we in een diepe slaap gevallen en eren we Hem met de lippen maar is onze levensstijl er niet naar.?