Ga naar de inhoud

Hoe passen we de wet toe?  Deel 2.

In Leviticus 24 voert Mozes een doodvonnis uit over een Egyptische man.

De hamvraag hierbij is: waarom neemt hij het niet voor deze man op? Mozes doet dat wel voor het volk maar niet voor deze man. Ligt hier een geschiedenis?

Het bijzondere in dit verhaal is de naam van de moeder, de afstamming van deze man via de vrouwelijke lijn en de Egyptische vader.

Allereerst waar staat nog meer over een man van een Egyptische vader. We moeten dan naar Exodus 2:11. Mozes ziet dat een Egyptische man een Hebreeër slaat. Dit grijpt hem aan en hij slaat de Egyptenaar dood.

De volgende dag zijn er twee Hebreeërs met elkaar slaags geraakt en Mozes vraagt aan de man die begonnen was, waarom hij iemand van zijn eigen volk slaat. Waarop diegene antwoordt: ‘wie heeft jou als leider en rechter over ons aangesteld? Wou je mij soms ook doodslaan net zoals de Egyptenaar’. Mozes moet daarop vluchten om zijn straf te ontlopen.

Jaren later is Mozes leider en rechter over Israël. Nu is daar die man die ruzie zoekt en vloekt (blasfemie) de naam van de Heer en vervloekt Hem.

De Heer moet een nieuwe wet inbrengen, In de Thora staat nergens iets over het vervloeken van God, Wel over Zijn naam niet ijdel gebruiken.

Het woord voor vloeken of blasfemie in het Hebreeuws is hetzelfde als doorsteken.

Deze man doorsteekt de Naam van de Heer. Een zeer ernstige vergrijp. Ernstiger is het vervloeken van Zijn naam en het vonnis is. de doodstraf.

Nu maakt de Vader geen onderscheid tussen Zijn naam doorsteken en een mens ‘doorsteken’. Op beide zaken staat ook de doodstraf. Is deze man zonder vader opgegroeid omdat Mozes zijn vader om het leven heeft gebracht? De rabbijnen leggen wel het verband. (Zijn moeder heette Selomit, (wat vrede betekent, de dochter van Dibri (Mijn woord) en uit de stam Dan was. Dan, betekent rechter.)

Als we goed naar Exodus kijken lijkt er wel een herhaling van zetten van Leviticus.

En Mozes ging uit, staat er in het Hebreeuws. (Waar ging Mozes uit?) (Exodus 2:11)

De vervloeker ging uit.

Beide zij van een gemixte nationaliteit

Mozes is wel van Hebreeuwse ouders maar hij is geadopteerd door een Egyptische vader. (De zoon van de Farao).

Deze man had ook een Egyptische vader.

In beide geschiedenissen is een gevecht tussen een Egyptenaar en een Hebreeër. De vader was een Egyptenaar en dus was deze man geen Israëliet. Ook hier een gevecht tussen een Egyptenaar en Hebreeër.

Wie heeft jou als leider en rechter aangesteld? Exodus 2:13. De vloekende man kwam uit de stam Dan(rechter)

De Farao was ooit rechter maar Mozes ging onder die wet vandaan en vluchtte. Was zijn eigen rechter. Mild voor zichzelf.

Nu is Mozes rechter over deze man. Oordelend

Mozes was een vreemdeling in Egypte.

Deze man is een vreemdeling binnen de Israëlieten. Er is geen plek binnen het kamp.

Mozes dekte zijn daad toe. (Begroef de man).

Mozes laat de daad van de man openlijk zien en speelt rechter zonder advocaat te zijn.

Mozes doodde eerst de vader en vervolgens de zoon, zo zegt de Midrasj.

De man doorsteekt de naam van God de Vader en doodt Hem a.h.w. Een indirecte verwijzing naar Jezus die werd doorstoken. Zo Vader, zo Zoon.

Er zijn veel bijzondere overeenkomsten maar het is niet voor 100 procent zeker dat de man,  de zoon is van de Egyptenaar. Omdat de Hebreeuwse teksten veel overeenkomen kunnen we niet om de overeenkomsten heen.

Wil Mozes niet aan zijn eigen fout herinnerd worden. Komt het Mozes heel goed uit dat deze zoon gedood wordt, want daarmee wordt zijn eigen zonde ook toegedekt. Niemand kan hem er meer aan herinneren. Zo lang deze man rond loopt wordt hij geconfronteerd met het verleden. Treedt hij daarom niet als advocaat op? God wilde de doodstraf maar Hij liet ook zien dat Mozes die net zo verdiende. Mozes zoekt geen vrede maar oordeel.

Zijn wij zoveel anders? We vinden dat wat de ander gedaan heeft, altijd erger dan wat wij zelf doen. Willen graag onze zonden vergeten. Genade voor ons en veroordeling voor de ander. We zijn graag rechter, zonder advocaat te zijn. De splinter uit eigen oog en de balk uit die van de ander.

Maar……

Hebben wij niet allen Hem doorstoken, allen Hem gedood en daardoor zijn onze zonden toegedekt. Het laatste lijkt wel een diep verscholen boodschap. De straf die ons de vrede (Selomit) aanbrengt was op Hem. Ook Jezus was nergens welkom en werd als een vreemdeling gezien binnen het eigen volk. (Met dit verschil dat Hij er geen ruzie over maakte, maar het woord voor ruzie maken heeft nog een betekenis namelijk: buitensluiten.)

Dan past het wel meer. Hij was niet welkom in zijn eigen kamp en werd buitengesloten door zijn eigen volk. Die Hem vals beschuldigde van blasfemie en Hem ter dood brachten.

Nu werd deze man niet vals beschuldigd maar Jezus draagt ook zijn zonden en laat zich doorsteken.